Een WK is meer dan welke andere koers dan ook een tactisch steekspel. Toch belooft deze editie een totaal andere wedstrijd te worden dan de voorbije WK’s. Voor het eerst in jaren heeft Italië geen renner in het rijtje der topfavorieten. Daar is dit jaar slechts plaats voor een naam, die van Philippe Gilbert.
Het is al geleden van Verona 99 dat België nog eens dé te kloppen man afvaardigt voor het WK. Toen was onze betreurde VDB ‘the man to beat’. Anno 2010 staat heel België achter haar nieuwe poulain: Philippe Gilbert. De Waal uit Remouchamps wil zondagochtend zijn grote droom van dit jaar vervullen, de regenboogtrui veroveren.
Aangezien het dit jaar opnieuw geen echte spurtersomloop is (zie vorige blog), zijn er toch heel wat renners die in aanmerking komen. Het is daarom niet onbelangrijk om de renners en landen te analyseren. We kunnen de landen snel verdelen in twee groepen. Zij die de koers zo hard mogelijk willen maken, en zij die er alle baat bij hebben dat een zo groot mogelijke groep voor de zege spurt.
Pozzato en co
De twee grote blokken zonder echte spurters zijn Italië en België. De Italianen beseffen maar al te goed dat hun kopman Pozzato normaal te kort komt tegen deze Gilbert. Zelfs als hij de Belg kan volgen heeft hij een probleem in de spurt (bergop).
Het is dan ook geen verrassing dat de squadra van Bettini al enkele dagen alle verantwoordelijkheid naar ons land doorschuift. Maar hoe dan ook moeten zij de koers mee hard maken, een andere keuze hebben zij niet. Daar waar ze vorige jaren al dat beulenwerk op kop van het peloton deden, zie ik dit jaar een heel andere tactiek weggelegd voor Pozzato en co.
Geluk
Pozzato mag dan wel de favoriet zijn, het zou me niet verbazen als Visconti en vooral Nibali al eens vroeger aan de boom gaan schudden. Enkele renners vooruit sturen en dan de Belgen het werk laten opknappen in het peloton. Vraag is dan of een Van Avermaet en Leukemans sterk genoeg zullen zijn.
Probleem nummer een voor Gilbert is wanneer een groepje of een renner alleen wegrijdt en daarachter iedereen naar Gilbert kijkt. Denk maar aan een Cancellara, titelverdediger Evans, WK-specialist Kolobnev, Chavanel, Martin, Boom of Frank Schleck. In een WK moet je wat geluk hebben met het juiste moment kiezen, zie maar Evans vorig jaar.
Slapende professor
Ondertussen hebben we het wel nog niet gehad over het meest sluwe land van allemaal. Het land met de slapende professor als kopman. We hebben het over Spanje en drievoudig wereldkampioen Oscar Freire. Een man die voor een absoluut record kan gaan, namelijk voor een vierde keer die regenboogtrui veroveren. Het is iemand waar je nooit mee klaar bent. Iemand die beter dan welke spurter ook hellingen en kilometers verteerd. Een enigma, maar wel een echte (wereld) kampioenschapsrenner.
Met renners als Barredo, Samuel en Luis Leon Sanchez , Tondo, Garate, Ventoso, Erviti, Plaza en Zubeldia is de vraag wie of wat dit blok kan ontwrichten. De ploeg heeft geen baat bij een harde koers en kan zich dus rustig in de achtergrond schuil houden. Daarnaast zijn er genoeg sterke mannen die een gevaarlijke vlucht kunnen lamleggen en dan pokeren op Freire.
Spurters
Tot slot zijn er ook nog andere spurters die behoorlijk bergop kunnen. Denk maar aan de Noor Hushovd, specialist in aankomsten bergop en bijgestaan door zijn sterke landgenoot Boasson Hagen. Ook de Amerikaan Tyler Farrar bewees in de Vuelta zijn vormpeil met twee ritzeges. Voor het eerst staan de ogen ook gericht op de Australiër Matthew Goss, HTC-locomotief van Cavendish, en met zijn snelle benen een groot gevaar in een eventuele spurt. Andere snelle mannen zijn de broertjes Haedo, en eventueel Cavendish en Greipel. Al is de kans op overleving bij deze mannen eerder klein.
Onvoorspelbaar
Conclusie: Gilbert moet rekenen op een harde koers om zo in de finale alles op alles te zetten. Solo naar de aankomst is mogelijk, maar dan zijn verbrokkeling in de achtergrond en een super Gilbert wel twee onontbeerlijke voorwaarden. De voornaamste blokken om in de gaten te houden zijn Spanje en Italië, maar ook Australië, de VS en Nederland beschikken over mannen die het kunnen afmaken.
Op dit WK is er dan misschien toch wel iets te vergelijkbaar met de vorige WK’s. Er zijn namelijk veel scenario’s mogelijk, maar op het einde van het verhaal is het toch o zo onvoorspelbaar. En net dat maakt een WK zo mooi. Afspraak in de nacht van zaterdag op zondag van 0u45 tot 8u op één.
Topfavorieten:
*****: Gilbert (BEL)
****: Freire (ESP)
***: Hushovd (NOR), Pozzato (ITA), Kolobnev (RUS)
**: Evans (AUS), Farrar (VST), Cancellara (SWI)
*: Boom (NED), Nibali (ITA), Martin (GER), S. Sanchez (ESP), Goss (AUS), P. Velits (SVK)




